donderdag 13 december 2012

Boek over 100 jaar Polen in Nederland

Polen zijn al meer dan honderd jaar onder ons. De eerste migratiegolf was er na de Eerste Wereldoorlog met Poolse mijnwerkers in de Zuid-Limburgse mijnen en de Poolse joden uit Galicië. Na de Tweede  Wereldoorlog waren er de Poolse bevrijders die hier bleven, verder expats, migranten die vluchten voor het communisme en de laatste jaren de arbeidsmigranten die vooral in de (tuin)bouw en dienstensector werken. De historici Wim Willems en Hanneke Verbeek maakten dit tot onderwerp van een boek: Honderd jaar heumwee. De geschiedenis van Polen in Nederland.

In dit boek wordt aan al deze migratiegolven de nodige aandacht besteed in de vorm van afzonderlijke artikelen. Vaak staat daarbij een familiegeschiedenis centraal, aan de hand waarvan de aard van een migratiegolf wordt geschetst. Daarbij spelen leden van de migrantenfamilies Stachowski, Sprecher (joods), Rostworowski, Lyskawa, Melichar e.a. een rol. Deze artikelen zijn geïllustreerd met vele zwart-witfoto's uit familiearchieven. Ook in familiehistorisch oogpunt is dit dus een interessant boek. Een speciale plaats hebben Poolse kunstenaars in Nederland, afgebeeld in een katern met fraaie kleurenportretten. Noten, literatuur, verantwoording en auteursgegevens evenals een register besluiten dit boeiende boek.
Zie ook onderstaand de beelden van een radio-interview bij De Gids.fm met Wim Willems, één van de auteurs.


Wim Willems en Hanneke Verbeek, Honderd jaar heimwee. De geschiedenis van Polen in Nederland, Uitgeverij Boom (Amsterdam 2012), 352 pag.'s, isbn 9789461050595, prijs € 24,90

vrijdag 2 november 2012

Boek: Zo Nederlands als wat. Een Molukse familiegeschiedenis

Het leven van vier generaties van de Moluks-Nederlandse familie Woearbanaran wordt in het boek Zo Nederklands als wat van journalist Linda Huijsmans beschreven. Zij is bevriend met de familie en weet op levendige en betrokken wijze hun familiegeschiedenis te schrijven. 
 
In 1951 arriveerden KNIL-militair Adam Woearbanaran, zijn vrouw Jublina met hun twee dochtertjes uit de Molukken in Nederland. Ze kwamen in woonoord Eerde bij Ommen terecht. Aanvankelijk zou hun verblijf maar tijdelijk zijn, maar ze bleven hier en kregen heel wat nakomelingen in Nederland. Van hen worden de levens van dochter Moni (1948), kleindochter Henriette (1963) en achterkleindochter Aisha (1999) meer in het bijzonder gevolgd. Daarnaast wordt een beeld geschetst van de nadagen van het Nederlandse kolonialisme in Nederlands-Indië en Indonesië, het RMS-ideaal, de treinkapingen van de jaren zeventig en de geleidelijke aanpassing aan de Nederlandse samenleving. Zestig jaar en vier generaties later is de familie ‘zo Nederlands als wat’ geworden, vinden ze zelf. Een literatuurlijst besluit dit sympathieke en goed leesbare boek.

Linda Huijsmans, Zo Nederlands als wat. Een Molukse familiegeschiedenis, 176 pag.'s, Atlas Uitgeverij (Amsterdam 2012), ISBN 9789045011547, prijs € 19,95.

Grenzeloos verleden: persoonlijke verhalen van migranten

Grenzeloos Verleden is een online platform waarop persoonlijke verhalen van migranten bijeen worden gebracht. Zo brengt Grenzeloos Verleden de geschiedenis van verschillende culturen in Nederland in beeld.


Vorig jaar werden met name verhalen van Marokkaanse Nederlanders opgenomen in de series De Pioniers en De Nieuwe Lichting. In dit nieuwe seizoen worden ook verhalen van Turkse en Tunesische migranten opgenomen.

De website biedt ook tijdlijnen van de geschiedenis van Marokkanen in Nederland en de geschiedenis van Turken in Nederland. De website is een initiatief van Andere Tijden en Geschiedenis24 van de VPRO.

maandag 8 oktober 2012

Presentatie over 19e eeuwse emigratie naar de VS

Op het dertigste internationale Congres voor Genealogische en Heraldische Wetenschappen, dat van 24 - 28 september 2012 in Maastricht is gehouden, hielden Mary Risseeuw (USA) en Yvette Hoitink (NL) een lezing over Emigratie uit Nederland naar de VS in de negentiende eeuw. De slides van deze Engelstalige lezing staan nu online.
 
Gedreven door religieuze of economische redenen zijn in de 19e eeuw tienduizenden Nederlanders geëmigreerd. De meesten van hen ging naar de Verenigde Staten, waar zij zich vestigden in staten zoals Michigan, Wisconsin en Iowa. Hun nakomelingen hebben nog steeds een sterke Nederlands-Amerikaanse identiteit, zoals blijkt uit de jaarlijkse tulpenfestivals in verschillende Nederlandse nederzettingen.
Mary Risseeuw en Yvette Hoitink hebben méér dan 20 jaar onderzoek gedaan naar deze emigranten en hun nakomelingen



Met gebruikmaking van veel verschillende bronnen hebben zij grote groepen emigranten opgespoord. Dit stelde hen in staat ​​om patronen te ontdekken. Religie, plaats van herkomst en bestemmingen van eerdere geëmigreerde familieleden blijken goede voorspellers te zijn voor de plaats van bestemming van de emigranten.
Tijdens de lezing boden zij een overzicht van deze emigratiegolf, de patronen die ze konden vaststellen en de gehanteerde methoden van onderzoek om de emigranten te volgen. De slides van de powerpoint-presentatie
zij rijk geïllustreerd aan de hand van primaire bronnen en persoonlijke documenten zoals brieven, kaarten en familiefoto's.


Yvette's Dutch Genealogy Homepage biedt verder een hoop handige (Engelstalige) informatie voor mensen die onderzoek doen naar Nederlandse emigranten naar de VS of naar hun voorouders in de Achterhoek (Aalten, Bredevoort, Dinxperlo en Winterswijk).

dinsdag 2 oktober 2012

Généatica 2012 - genealogische beurs van GéniWal

GéniWal organiseert op zaterdag 6 en zondag 7 oktober een tweedaagse genealogische beurs in Wavre / Waver (hoofdstad van Waals-Brabant) getiteld Généatica 2012. Het thema is "Hi Tech Genealogie".

GéniWal is een Waalse vereniging voor computergenealogie die zich o.a. bezig houdt met digitalisering en het opbouwen van databases die veel waarde hebben voor familiehistorici. Op de beurs uiteraard veel Waalse en Franse verenigingen en organisaties, maar ook Vlaamse deelnemers. Ook het Centraal Bureau voor Genealogie zal aanwezig zijn met een stand.

Zie voor méér info over Généatica 2012 de (Franstalige) website van GéniWal. Daar is ook een overzicht van alle deelnemers te zien.

maandag 10 september 2012

'Over grenzen', thema van het 66e Jaarboek CBG

Met het zesenzestigste Jaarboek van het Centraal Bureau voor Genealogie getiteld Over grenzen sluiten het CBG aan bij het dertigste Internationaal Congres voor Genealogische en Heraldische Wetenschappen, dat van 24 tot 28 september 2012 in Maastricht wordt gehouden. Het congres en het Jaarboek hebben beiden als thema ‘grenzen en grensoverschrijdingen’. Een wijds thema, dat dan ook door alle partijen in de meest brede zin is opgepakt. Je zou kunnen stellen dat het overschrijden van grenzen door personen – in zowel geografische als overdrachtelijke zin – het begin vormt van iedere familiegeschiedenis.

Reizen en grenzen oversteken was voor studenten in de Middeleeuwen en de zestiende en zeventiende eeuw een doodnormale zaak, zo blijkt uit de artikelen van Willem Frijhoff en Martine Zoeteman. Frijhoff doorzocht de inschrijvingsboeken van de grootste universiteitssteden in Europa op namen van Zutphense studenten. Al in de late dertiende eeuw waren die studenten te vinden op grote afstand van huis, zoals in Bologna en Parijs. ‘Grens’ is in deze vroege periode trouwens een relatief begrip: voor de meeste mensen begon de grens bij de rand van het dorp of de stad waar men woonde.
Zoeteman laat vanuit de geschiedenis van de Leidse universiteit en haar diverse studentenbevolking zien wat studenten ertoe bracht naar bepaalde universiteiten te gaan. (Familie)traditie speelde hierin een rol, de roem van een bepaalde hoogleraar, de specialisatie van een universiteit, maar ook de religieuze perikelen van de tijd, oorlogen en overheden konden richtinggevend zijn. Zij geeft een voorbeeld van een buitenlandse student die zich in Nederland vestigde en hier een gezin stichtte. In de bestudering van familiegeschiedenis is het de gewoonte om onderzoek te doen aan de hand van geschreven bronnen en (overgeleverde) verhalen.

Voorwerpen kunnen echter ook inzicht geven in het maatschappelijk functioneren van mensen in een bepaalde tijd op een bepaalde plek. Caroline Drieënhuizen neemt ons mee naar het Nederlands-Indië van de negentiende eeuw, waar drie broers Quarles van Ufford op niet altijd even zachtzinnige wijze ‘souvenirs’ verwierven. Eenmaal in Nederland veranderden die meegebrachte voorwerpen van objecten met een eigen etnische achtergrond in getuigenissen van de geschiedenis, de identiteit en de status van de familie.
Het artikel van Jochem Kroes gaat toevalligerwijs ook over drie broers en over fraaie voorwerpen. In het midden van de zestiende eeuw vestigden de drie broers Grill uit Augsburg zich als goud- en zilversmeden in Amsterdam. Ze ontwikkelden zich tot vooraanstaande burgers van de Republiek. De oudste van de broers ging naar Den Haag, de middelste vertrok naar Stockholm in Zweden en de jongste bleef in Amsterdam. De Zweedse tak van de familie verkreeg zijn rijkdom grotendeels door de Aziatische handel op China: booming business in de achttiende eeuw. Wie het zich kon veroorloven bestelde een eigen servies: voor het mooi, als geschenk en om de eigen rijkdom te tonen. Voor de familie Grill werden er zo dertien wapenserviezen vervaardigd – de grootste serviezen bevatten meer dan vierhonderd onderdelen.

In de vroege zeventiende eeuw begon de in Amsterdam geboren Andries Dionijsz Winius zijn carrière als handelaar in graan en later ijzerproducent, in Rusland. In 1634 vestigde hij zich voorgoed in Moskou en in 1648 liet hij zich ook naturaliseren. Zijn zoon Andrej Andrejevitsj had een opmerkelijke talenkennis. Hij sprak Russisch, Nederlands en Duits en kon Latijn lezen. Als kanselarijsecretaris werd hij belast met de vertaling van buitenlandse kranten en berichtgeving ten dienste van het hof. Tijdens het bezoek van een Hollandse handelsdelegatie, waarbij hij als tolk van de tsaar fungeerde, ontmoette hij zijn verre familielid Nicolaas Witsen, reiziger, verzamelaar en later meermaals burgemeester van Amsterdam. Igor Wladimiroff beschrijft hoe zich tussen beide ‘neven’ een levenslange vriendschap en correspondentie ontwikkelde, waarin beider interesse in kunst, geografie en cartografie een grote rol speelde. De basis van alle genealogisch onderzoek ligt in het gebruik van namen.

Leendert Brouwer beschrijft de omgang met buitenlandse familienamen in Nederland; hoe ontwikkelden die namen zich, bleven ze herkenbaar als niet-Nederlands? Uit de artikelen van Jean Jacques Vrij en Christel Monsanto blijkt hoezeer de familienamen uit zowel Suriname als de Antillen op uiteenlopende manieren een weerspiegeling vormen van het koloniale verleden. Opvallend genoeg keerden namen die in Nederland al waren verdwenen, via creoolse Surinamers en Antillianen na de jaren 1970 weer terug naar Nederland. Kees Kuiken beschrijft de verwarring die kan ontstaan bij het omzetten van een Chinese naam naar het Nederlands, én vice-versa. Ron Habiboe ten slotte ontrafelt de achtergronden van de namen van de vele Molukkers die zich vanaf 1951 noodgedwongen in Nederland vestigden.

Het oversteken van grenzen gebeurde lang niet altijd vrijwillig. Zo ook bij de honderdduizenden Afrikanen die werden ontvoerd om als slaaf te werken op plantages, ondermeer in Suriname. Sommigen verzetten zich tegen deze wrede vrijheidsberoving en vluchtten de oerwouden in, om van daaruit hun vrijheid te bevechten en hun eigen leefgemeenschappen te stichten: de Marrons. André Pakosie vertelt hoe zij zich organiseerden, hoe zich een eigen taal ontwikkelde om communicatie tussen mensen uit heel verschillende delen van Afrika mogelijk te maken, en welke belangrijke rol Afrika, het land van herkomst, in de collectieve herinnering en in het dagelijks leven bleef spelen.

 Een andere soort van dwang speelt bij de arbeidsmigranten: mensen die naar Nederland komen omdat ze in hun eigen land geen toekomstperspectief meer hebben. Zo verhuisde Iacopo Lucchesi in 1929 vanuit Italië naar Eindhoven, waar hij eerst de kost probeerde te verdienen als beeldenmaker. In 1934 opende hij een ijsfabriekje, van waaruit het ijs met karretjes werd uitgevent. Dat fabriekje van één man is in de loop der jaren uitgegroeid tot een ware ijsdynastie. Documentairemaker Daniela Tasca beschrijft hoe ze te werk is gegaan bij het maken van haar documentaire ‘IJszusters’, waarvoor zij de familiegeschiedenis trachtte te reconstrueren door middel van de herinneringen en het leven van de drie dochters Lucchesi, tweede van de vier generaties van deze Toscaanse ijsfamilie in Eindhoven.

Omgekeerd komen in het artikel van Martijn Spruit Nederlanders in Italië aan bod. Toen de strijd om de Italiaanse eenwording op haar einde liep, verschenen er in 1866 artikelen in het streng katholieke Weekblad van Tilburg, die de ervaringen van een vrijwilliger in het pauselijke leger – een zogeheten zouaaf – beschrijven. De auteur, Levinus Vliegendehond, vertelt veel over het dagelijks leven van de zouaven in de gevechtskampen. Enkele jaren later vocht de zouaaf Ignace Wils in de Frans-Duitse oorlog. Zijn biografie, die pas in 1930 werd gepubliceerd, toont het leven van een officier van hoge komaf. En dat blijkt er heel anders uit te zien.

Joost Welten ten slotte beschrijft een andere vorm van het overtreden van grenzen: overspel. In het vroeg-negentiende-eeuwse Maastricht speelde zich een gepassioneerde liefdesaffaire af tussen de echtgenote van een Franse officier – gevangen in een gearrangeerd en ongelukkig huwelijk – en een Nederlandse apotheker. Deze grensoverschrijding werd door de laatste betaald met de dood.

Het Jaarboek CBG wordt gratis toegezonden aan de Vrienden van het CBG. Jaarboeken zijn ook los verkrijgbaar voor € 25,00 incl. verzendkosten (Vrienden € 20,00) en kunnen per email worden besteld.
Vriend worden van het CBG kost € 40,-. Daarvoor ontvangt u naast het Jaarboek ook vier keer per jaar het tijdschrift Genealogie en geniet u nog een aantal andere voordelen. Zie de website.

vrijdag 24 augustus 2012

Naturalisatie van Indische of Indonesische personen 1933-1995

Dennis de Calonne beheert een groeiende database van naturalisaties van Indische en Indonesische personen tot Nederlander. Deze database staat sinds 22 mei van dit jaar online en wordt regelmatig geupdate. Sinds 24 augustus 2012 bevat de database de namen van 7300 personen uit Indië / Indonesië die tussen 1933 en 1995 zijn genaturaliseerd tot Nederlander.

Naturalisatie tot Nederlander gebeurt door het aannemen van een speciale wet. De achterliggende wetsvoorstellen zijn gewoon openbaar, net als andere wetsvoorstellen. Op de archiefsite van de Staten-Generaal worden alle wetsvoorstellen van 1814 tot en met 1995 ontsloten voor het publiek. Uit deze bron put Dennis de Calonne ten behoeve van zijn database. De database bevat naast de namen ook informatie over geboortedatum en -plaats, woonplaats, beroep, gegevens over eventuele echtgeno(o)t(e) en kinderen, eventuele verleningen en wijzigingen van achternaam en een bronverwijzing.

Op de website van het Historisch Genootschap Valkenswaard staat een overzicht van alle naturalisaties van 1850-1934, waaronder ook die van mensen afkomstig uit Indië. Hierover berichtten wij in een eerdere bijdrage aan Migranten dossier@CBG.

donderdag 16 augustus 2012

Verweesde fotoalbums uit Indië

Toen vlak na WO II de strijd om de Indonesische onafhankelijkheid begon vertrokken duizenden Indische Nederlanders met achterlating van een belangrijk deel van hun bezittingen. Daaronder ook een hoop fotoalbums. 335 van die achtergelaten albums kwamen uiteindelijk terecht in de collectie van het Tropenmuseum.


Het tropenmuseum start nu een project om die albums te laten digitaliseren en via een website en een app beschikbaar te maken voor het publiek. Dit gebeurt met behulp van crowdfunding. Doel is om via de digitale albums op internet de families te traceren van wie de albums waren om zo de verhalen er achter de foto's te achterhalen. Dat kan leiden tot een waardevolle databank over de koloniale geschiedenis van Nederlands Indië.

Zie de speciale website voor meer info over het project en alvast een aantal digitale voorbeeldalbums.

Zie ook bericht van 5 maart 2013: Foto Zoekt Familie nu echt van start

dinsdag 10 juli 2012

Catalogi van de Hernhutters in Suriname 1784-1860


Charlottenburg
Onlangs ontving het CBG voor in de Studiezaal in Den Haag enkele belangrijke Surinaamse bronpublicaties. Het betreft zogenaamde catalogi  waarin de zendelingen van de Hernhutters (Evangelische Broedergemeente) nauwkeurig hun dopelingen c.q. bekeerlingen bijhielden. Het zijn waardevolle bronbewerkingen (deels Duitstalig) voor de periode tot aan de invoering van de burgerlijke stand in Paramaribo in 1828. Op verzoek introduceert Ank de Vogel de catalogi:

Catalogus der Negergemeine an Paramaribo A.
Kan als een doopboek worden beschouwd dat een schat aan informatie over individuele slaven bevat.
De lidmaten van Paramaribo bestaan voor een belangrijk deel uit slaven en vrijlieden (= vrije zwarte personen). Ze oefenden verschillende beroepen uit. Een deel was in Afrika was geboren.Bij een niet-vrije wordt de naam van de eigenaar vermeld. In de tabel Veränderungen zijn opmerkingen van de zendelingen in het Duits vermeld. Deze bevatten interessante informatie, o.a. de rede waarom een lidmaat uit de gemeente is uitgesloten. In sommige gevallen wordt een datum van overlijden vermeld.

Catalog A De Herrnhutter gemeente Charlottenburg 1784/1840
Deze Catalogus bevat een index van slaven met hun vermoedelijke familienamen en volgnummer. Vermelding van doopnaam. In sommige gevallen wordt een datum van overlijden vermeld.

Catalog B De Herrnhutter gemeente Charlottenburg 1841/1848.
Deze Catalogus bevat een index van slaven met hun vermoedelijke familienamen en volgnummer. Ook de namen van plantages zijn in deze catalogus opgenomen. Etniciteit & partner worden vermeld.
Mannen, vrouwen en kinderen zijn apart opgenomen in een index.

Catalog C De Herrnhutter gemeente Charlottenburg 1848 - 1854
Deze Catalogus bevat een index van slaven met hun vermoedelijke familienamen. Om de namen van de slaven & vrijlieden in de tabellen te traceren is er gebruik gemaakt van een volgnummer.
Het volgnummer verwijst naar mannen en hun vermoedelijke partners, vrouwen en hun vermoedelijke partners, kinderen en hun peten. Soms staat er in de tabel Entschlafen een datum van overlijden vermeld.
Opmerkingen: Catalogus C heeft betrekking op een slavenbevolking of vrijlieden bij wie de zendelingen in een latere fase van de slavernij 1848- 1845 het evangelie hebben verkondigd, terwijl hun werkterrein ook enkele plantages omvatte die ze niet eerder of regelmatig hadden bezocht. Indien een zendeling van mening was dat een slaaf zich schuldig had gemaakt aan diefstal, overspel of aan het verrichten van handelingen ter ere van een God, die door de zendeling als afgoderij werd beschouwd dan werd de betrokkene vaak uitgesloten. Dit is ongewijzigd in het Duits overgenomen in de tabel Veränderung. Bijvoorbeeld: Ausgeschlossen wegen Ehebruch- Uit gesloten wegens overspel. Ausgeschlossen wegen Abgötterei - uitgesloten wegens afgoderij, soms staat vermeld remittiert - weer tot de genoodschap aangenomen o.v.v. van een datum. In de tabel Veränderung valt veel informatie te vinden, o.a. overplaatsing naar de stad of een andere plantage.

Catalog D Sociale banden tussen slaven 1780/1860 2 delen. (plantage Charlottenburg)
In deze catalogus is vaak de relatie tussen moeder en haar kinderen aangegeven. Verder vermelding van  plantage, peetouders en partner. Deze Catalogus bevat een index van slaven met hun vermoedelijke familienamen en volgnummer. Mannen, vrouwen en kinderen zijn apart opgenomen in een index.

Belangrijk om te vermelden is dat namen met een tussenvoegsel in de index zijn opgenomen op eerste letter van het tussenvoegsel. Dus de Meer staat in de index bij D plaatst i.p.v. bij de M. 

De catalogi zijn (zolang als het duurt) verkrijgbaar via de webshop van het NiNsee. Prijs € 25,- per stuk.

maandag 2 juli 2012

Boek en website over Papoea's in Nederland

Onlangs kwam bij KIT-Publishers in Amsterdam een mooi fotoboek uit, gewijd aan Papoea's in Nederland: Paradijsvogels in de Polder, met foto's van Bodil Anaïs en interviews van Eva Prins. Naast prachtig fotomateriaal bevat het boek ook een beknopte geschiedenis van Papoea in de vorm van een inleiding en een tijdbalk (vanaf 1453). Bij het boek hoort ook een speciale website: www.paradijsvogelsindepolder.nl

Na de overdracht van de soevereiniteit over Nederlands Indië aan Indonesië (1949) was Papoea, het westelijke deel van Nieuw-Guinea, de enige resterende kolonie in ‘de Oost’. Er werd geïnvesteerd  in onderwijs, gezondheidszorg en de geleidelijke introductie van politiek zelfbestuur. Ook werd aan Papoea gedacht als nieuw thuisland voor Indo’s. De nieuwe Republik Indonesia handhaafde echter de claim op het gebied en oefende druk uit op Nederland, zowel direct als via de internationale gemeenschap. Ook dreigde er een nieuw militair conflict tussen Nederland en Indonesië. Begin jaren 1960 werd de internationale druk op Nederland, met name vanuit de Verenigde Staten, zo groot dat een oplossing werd gezocht. Snelle initiatieven tot onafhankelijkheid van het gebied waren niet succesvol. In 1962 stemde Nederland onder druk in  met een overdracht van het gebied aan Indonesië.



Na de overdracht van Papoea Nieuw-Guinea ontvluchtten veel Papoea’s Indonesië. Zij vormen een diaspora, voornamelijk verspreid over het onafhankelijke Papoea Nieuw-Guinea, op het oostelijke deel van het eiland, en Nederland. Vanaf de jaren ’90 zijn er steeds meer Papoea’s uit Nederland die Nieuw-Guinea weer bezoeken. Het westelijk deel van het eiland heet sinds 2000 formeel Papua en kent sinds 17 augustus 2001 een 'Speciale Autonomie' binnen Indonesië. 

Papoea's in de polder, (Amsterdam 2012), 92 pag.'s, ISBN 9789460221859, prijs € 17,50. Zie ook website KIT-Publishers.

dinsdag 26 juni 2012

Sporen van slavernij in Utrecht. Wandelgids, website en app

Niet alleen Amsterdam en Middelburg kunnen vanwege hun havens met de geschiedenis van slavernij worden verbonden, maar ook in een stad als Utrecht zijn sporen van slavernij terug te vinden. Het Centre for the Humanities van de Universiteit Utrecht presenteert vandaag (26 juli 2012) in het Utrechts Archief de tweetalige Wandelgids sporen van slavernij in Utrecht van Esther Captain.
 
In de wandelgids wordt aan de hand van straten in de historische binnenstad van Utrecht beschreven in welke huizen VOC-dienaren, plantagehouders, voormalige slaven en vrijgelatenen uit zowel De Oost als De West en voorvechters voor de afschaffing van slavernij hebben gewoond. Aan de hand van een geïllustreerde plattegrond kan de Utrechtse inwoner en bezoeker op eigen gelegenheid wandelen langs de koloniale en slavernijgeschiedenis van de stad. Bij de Wandelgids hoort ook een website waar o.a. een gratis App kan worden gedownload.

In 2013 wordt de 300e verjaardag van het ondertekenen van de Vrede van Utrecht uitgebreid gevierd. In het verdrag uit 1713, dat een einde maakte aan bijna twee eeuwen (godsdienst-)oorlogen en conflicten, zijn ook afspraken terug te vinden over slavenhandel. Naast 300 jaar Vrede van Utrecht heeft het Centre for the Humanities samen met de Stichting Vrede van Utrecht en Kosmopolis Utrecht in het kader van de Leerstoel van de Vrede van Utrecht deze kant van het verdrag onder de aandacht willen brengen.

Esther Captain (m.m.v. Hans Visser), Wandelgids sporen van slavernij / Walking Guide Traces of Slavery in Utrecht. Utrecht: Centre for the Humanities, 2012, ISBN 978 94 6103 026 9, prijs € 11,90.

De wandelgids is tweetalig (Nederlands en Engels) en is voor particulieren verkrijgbaar bij boekhandels in Utrecht en via internet.

Amsterdamse slaveneigenaren in kaart gebracht

Bij de afschaffing van de slavernij in 1863 kregen de eigenaren van slaven in Suriname en de Antillen een financiële compensatie. Daarbij handelde het om zowel eigenaren van particuliere slaven als eigenaren of aandeelhouders van plantages waarop slaven werkten. De meeste eigenaren woonden in Paramaribo of de Antillen, een deel woonde in Nederland. Deze laatsten waren meestal eigenaar van een deel of aandeel van een plantage. De slaven zelf hebben ze waarschijnlijk nooit gezien. Je zou het kunnen vergelijken met het bezitten van een aandeel in een "fout bedrijf".


Kaart met Amsterdamse eigenaren van slaven, 1863

Studenten geschiedenis van de Vrije Universiteit o.l.v. dr. Dienke Hondius deden in het Nationaal Archief en Stadsarchief Amsterdam onderzoek naar Amsterdamse eigenaren van slaven die in 1863 een financiële compensatie kregen. Er zijn inmiddels een kleine 80 Amsterdamse namen en adressen achterhaald. Deze staan nu op een kaart. Elk adres heeft een link naar informatie in het Nationaal Archief. De huisnummering is de meest recente (1875). De database zal verder groeien met het vorderen van de onderzoekers.

Zie ook website Vrije Universiteit over dit project.

vrijdag 22 juni 2012

Boek: Rijk aan de rand van de wereld

Twee Leidse hoogleraren koloniale en overzeese geschiedenis schreven gezamenlijk dit overzichtswerk over de Nederlandse expansie overzee in de 17e en 18e eeuw: Rijk aan de rand van de wereld. Geschiedenis van Nederland overzee 1600-1800
 
Het boek is verdeeld in drie delen, waarin eerst de opkomst van de Nederlands handel(scompagniëen) en de culturele wisselwerking tussen Nederland en overzee uit de doeken wordt gedaan. Vervolgens komt de Atlantische Wereld van Cariben, Brazilië, Noord-Amerika en (Zuid)Afrika aan bod en in het derde deel "Moesson-Azië" van onder meer Oost-Indië, India en Ceylon en het Verre Oosten. 
Hierin zijn alle huidige inzichten over onder andere slavernij, kolonisatie, plantagelandbouw en de verhouding tot andere mogendheden verwerkt. Zo was Nederland meer op handel dan op kolonisatie gericht. De VOC was lange tijd een bepalende speler in die internationale handel. Alleen de Kaapkolonie was een ‘geslaagd’ kolonisatieproject. In grote delen van Azië bleven de Nederlanders een exotisch randverschijnsel van de grote imperia. Alleen op de tropische eilanden van Ceylon, Java en de Molukken ontwikkelden de Nederlanders zich tot koloniale landmagnaten. Daar ontstonden, net als in de Nieuwe Wereld, multiculturele samenlevingen waar religieuze tolerantie en wetenschappelijke nieuwsgierigheid wonderwel samengaan met rigoureuze politieke en economische exploitatie van slavenhandel en slavernij.
 
Dit belangwekkende boek, dat tevens een agenda wil zijn voor toekomstig onderzoek, is vrij soepel geschreven. Het is voorzien van kaarten en een katern kleurenfoto’s en eindigt met onder andere noten, bibliografie en indices op personen en plaatsnamen.
 
Piet Emmer en Jos Gommans, Rijk aan de rand van de wereld. Geschiedenis van Nederland overzee 1600-1800 (Uitgeverij Prometheus Bert Bakker 2012), 544 pag.'s, ISBN 9789035133457, prijs € 29,29.

Piet Emmer was hoogleraar in de geschiedenis van de Europese expansie aan de Leidse universiteit.
Jos Gommans is hoogleraar koloniale geschiedenis en wereldgeschiedenis aan dezelfde universiteit.

vrijdag 15 juni 2012

Searching for your Dutch Roots?

Millions of people worldwide have Dutch ancestry. More and more of them are searching for their Dutch roots as the popularity of genealogical research grows. And thanks to the Internet, it's now much easier to conduct this kind of research.

This is why Dutch Roots (publication in English) gives centre place to research using the World Wide Web. Step by step, the author guides you through websites and provides information about the various Dutch archives and the major genealogical source documents (which are increasingly available online): civil registration, church records, notarial records, court records, migration and emigration records, tax records, military records, Dutch familynames and coats of arms. The book concludes with a 22 page Dutch-English vocabulary.

Dutch Roots is the book to have for anyone wanting to research his or her Dutch ancestors!
Rob van Drie (* 1956) is deputy director of the Centraal Bureau voor Genealogie in The Hague and the author of several standard works on genealogical research in the Netherlands.

Rob van Drie, Dutch Roots. Finding your ancestors in the Netherlands. Dutch Roots is published by CBG (The Hague 2012). ISBN 978 90 5802 088 8, full colour illustrations, 190 pages, price for the Netherlands incl. shipping € 19,50 (Friends of CBG € 17,-). Europe  € 25,- and World € 30,- (incl. shipping). Dutch Roots can be ordered by email. (Please don't forget you address.) 

Dutch Roots is available as eBook at Amazon.

===
In Dutch / Nederlands: 

Wereldwijd hebben miljoenen mensen Nederlandse voorouders. Een groot deel daarvan woont in de traditionele emigratielanden Verenigde Staten, Canada, Australië en Nieuw Zeeland. Naarmate genealogisch onderzoek aan populariteit wint gaan steeds meer van die mensen op zoek naar hun Nederlandse voorouders. De opkomst van internet maakt dat nu makkelijker dan ooit tevoren.

Voor de afstammelingen van Nederlanders emigranten is er de Engelstalige handleiding Dutch Roots. In dit boek behandelt Rob van Drie de verschillende bronnen die van belang zijn voor genealogisch onderzoek in Nederland, met uiteraard veel aandacht voor het steeds groter wordende aantal websites en online databases. Aan bod komen burgerlijke stand, bevolkingsregisters, dtb's, notariële archieven, rechterlijke archieven, bronnen betreffende migratie en emigratie, belastingregisters, militieregisters en militaire stamboeken, de Nederlandse familienamen en familiewapens. Het boek wordt afgesloten met een uitgebreide Nederlands-Engelse woordenlijst van 22 pagina's.

Rob van Drie,
Dutch Roots. Finding your ancestors in the Netherlands. Dutch Roots is een publicatie van het CBG (Den Haag 2012). ISBN 978 90 5802 088 8, full colour geïllustreerd, 190 pag.'s, prijs incl verzendkosten € 19,50 (Vrienden € 17,00). Prijs voor Europa  € 25,- en voor Wereld € 30,- (incl. verzendkosten). Bestellen kan per email.

Rob van Drie (*1956) is plaatsvervangend directeur van het CBG en auteur van verschillende standaardwerken over genealogisch onderzoek in Nederland.


Dutch Roots is ook verkrijgbaar als eBook bij Amazon

donderdag 14 juni 2012

Zeeuws Archief digitaliseert belangrijk archief over slavenhandel


De Middelburgse Commercie Compagnie (MCC) specialiseerde zich in de achttiende eeuw in de handel in tot slaaf gemaakte Afrikanen. De UNESCO verklaarde het MCC-archief in 2011 tot werelderfgoed. Het Zeeuws Archief krijgt nu ruim €300.000,- subsidie om het eerste deel van dit internationaal belangrijk archief over de trans-Atlantische slavenhandel te digitaliseren. Dat heeft Metamorfoze, het nationaal programma voor het behoud van het papieren erfgoed, een samenwerkings-verband van de Koninklijke Bibliotheek en het Nationaal Archief, 13 juni bekend gemaakt.

Met de subsidie gaat het Zeeuws Archief het eerste deel van het archief van de MCC digitaliseren en online publiceren. Dit eerste deel heeft een omvang van 52 meter of 225.000 scans. De totale omvang is 100 meter. Het archief van de MCC is uniek omdat hierin de administratie over de slavenhandel vrijwel volledig en intact aanwezig is. Dat maakt dit archief wereldwijd tot een uiterst zeldzame bron van gedetailleerde, administratieve gegevens over de handel in tot slaaf gemaakte Afrikanen.



De Middelburgse Commercie Compagnie werd in 1720 opgericht en bleef tot 1889 bestaan. De onderneming richtte zich op handel tussen havens aan de Oostzee, Frankrijk, het Iberisch schiereiland, de Middellandse Zee, West-Indië en Afrika. Na 1730 kwam de driehoekshandel Afrika – West-Indië – Europa tot stand. De eerste driehoeksreis reedde de MCC uit in 1732. Vanaf het midden van de achttiende eeuw nam het aantal slavenreizen van de MCC sterk toe. In 1807 werd de laatste slavenreis ondernomen. Van de in totaal circa 300 uitredingen van schepen door de MCC ging het in 113 gevallen om een slavenreis.

Van de slavenreizen werd schip voor schip en reis voor reis een afzonderlijke, gedetailleerde administratie bijgehouden: de inkoop van goederen zoals textiel en buskruit die aan boord meegingen naar de kust van Afrika, de ruil van deze goederen tegen slaven, de verkoop van de slaven aan plantage-eigenaren en handelaren in West-Indië, de inkoop van suiker, cacao en tabak en de verkoop of veiling ervan in Middelburg. Verder zijn de logboeken van de kapiteins aanwezig en in enkele gevallen zelfs de journalen van de scheepschirurgijns die aan boord bemanningsleden en slaven behandelden. Ook zijn de gegevens over de bouw en de uitrusting van de schepen bewaard gebleven. 

Na digitalisering komt voor historici een belangrijke bron op een makkelijke manier beschikbaar. Dit zal naar verwachting leiden tot een toenemend aantal publicaties over een belangrijk deel van de geschiedenis van Nederland en de voormalige koloniën. 

Zie ook de beschrijving en het inventaris van MCC in Archieven.nl voor méér informatie over dit archief.

Archief MCC in 2011 benoemd tot Werelderfgoed
De UNESCO heeft  het MCC-archief in mei 2011 op de werelderfgoedlijst voor documentaire werken geplaatst, in het ‘Memory of the World’-Register. Hiermee wil de VN-organisatie de wereld ervan bewust maken dat het documentaire erfgoed toebehoort aan iedereen, dat het volledig moet worden geconserveerd en beschermd en dat het voor iedereen permanent toegankelijk moet zijn. Ook bevordert UNESCO de digitalisering van de documenten. Voorbeelden van andere documentaire werken op de lijst zijn het dagboek van Anne Frank, het tapijt van Bayeux en de negende symfonie van Beethoven.

dinsdag 22 mei 2012

Vreemdelingenregisters Amsterdam, 1849-1922

Het Stadsarchief Amsterdam heeft vorige week de zogenaamde Vreemdelingenregisters online gezet. De index bevat ruim 96.000 inschrijvingen van personen uit het buitenland die zich in de jaren 1849-1922 bij de Amsterdamse politie meldden voor een reis- en verblijfpas. Net als de moderne verblijfsvergunningen moesten deze passen steeds opnieuw verlengd worden. Met behulp van het vreemdelingenregister is na te gaan waar iemand vandaag kwam en in welke plaats het laatste buitenlandse paspoort werd afgegeven.



Voor familiehistorici is dit natuurlijk een mooie bron. Via deze collectie kan men er niet alleen achter komen waar geïmmigreerde voorouders vandaan kwamen, de Amsterdamse politie registreerde ook de uiterlijke kenmerken van de aanvrager. Daarbij moet men denken aan leeftijd, lengte, kleur van haar en ogen, vorm van ogen, neus, mond en kin en bijzondere kentekenen. Ook zonder pasfoto's is hierdoor na te gaan hoe de aanvragers er ongeveer uit moeten hebben gezien. De index bevat volgens de archiefdienst informatie namen van zowel incidentele passanten als van immigranten die zich blijvend in Nederland vestigden.
Op de website van Stadsarchief Amsterdam kan gratis in de index worden gezocht. De index bevat achternaam, voornamen en inschrijvingsdatum. Vervolgens kan men tegen betaling doorklikken naar scans van de documenten met gegevens over plaats van herkomst, beroep, religie en signalement.

vrijdag 11 mei 2012

Belang van overzeese correspondentie uit 17e eeuws Suriname

In het het eerste nummer van 2012 van het Tijdschrift voor Zeegeschiedenis (pag. 27-41) staat een interessant artikel van Suze Zijlstra getiteld Corresponderen om te overleven. Het economische belang van persoonlijke brieven uit zeventiende-eeuws Suriname. Het artikel is een bewerking van haar masterscriptie uit 2009, waarvoor ze de J.R.Bruijn-prijs heeft ontvangen van de Nederlandse Vereniging voor Zeegeschiedenis. (Hierover hebben wij eerder bericht in Migranten dossier@CBG.)

In het artikel betoogt Suze Zijlstra op basis van een selectie uit de zogenaamde Sailing Letters dat er een grote wederzijdse afhankelijkheid bestond tussen kolonisten en zeelieden enerzijds en thuisblijvers in de Nederlanden anderzijds. Per post werden de thuisblijvers in staat gesteld om gage van een echtgenoot of familielid te innen, en de kolonisten konden via familie en vrienden in het moederland goederen, diensten of gunsten bedingen die overzee niet algemeen voorhanden waren.

Het Tijdschrift voor Zeegeschiedenis verschijnt twee keer per jaar en wordt toegezonden aan de leden van de Nederlandse Vereniging voor Zeegeschiedenis. Een lidmaatschap kost  € 30,- / jaar. Losse nummers zijn ook verkrijgbaar. Zie website.

donderdag 10 mei 2012

Indische kranten digitaal op website KB

Via de website Historische Kranten biedt de KB sinds deze maand vijf miljoen krantenpagina’s online aan. Onder de nieuwe aanwinsten in dit gratis raadpleegbare digitale krantenarchief bevindt zich ook een aantal Indische kranten. Uit de vooroorlogse periode zijn nu beschikbaar De Indische Courant, De Sumatrapost, en de Java-bode.


De Indonesische periode (dus na de oorlog) is vertegenwoordigd met de Nieuwsgier en Het nieuwsblad voor Sumatra. Erg bijzonder is de Nieuw Guinea koerier (1959-1962) die verscheen in de laatste jaren van de laatste Nederlandse kolonie in Zuid-Oost-Azië. Deze Indische kranten zijn erg mooie bronnen voor Indisch familieonderzoek.

Overigens kan op de website Historische Kranten ook gericht gezocht worden op berichten uit alleen Suriname, Nederlandse Antillen of  Nederlands-Indië / Indonesië. Daartoe kunnen voorkeursvakken worden aangevinkt binnen de optie "geavanceerd zoeken".  (Zie afbeelding). Er wordt dan automatisch gezocht in alle relevante gedigitaliseerde kranten.

woensdag 18 april 2012

Nederlanders in Turkije, Turken in Nederland

In verband met de actuele viering van 400 jaar Nederlands-Turkse diplomatieke betrekkingen is het aardig een tweetal artikelen uit het CBG-kwartaalblad Genealogie van juni 2008 opnieuw onder de aandacht te brengen.  Beide artikelen worden nu als PDF beschikbaar gesteld.

Het ene artikel is getiteld Sen Kimsin? Wie ben jij?, van Jak den Exter. Het artikel is gewijd aan de gelijknamige onderzoeksgids van Jak de Exter. Een gids voor mensen die in Nederland wonen en onderzoek willen doen naar hun Turkse voorouders.(Zie hier voor meer info over de onderzoeksgids, deel 3 uit de CBG-serie Voorouders van Verre.)
Het andere artikel is getiteld Nederlandse diplomaten en ondernemers in de Levant, van Sabine Heylen. Het artikel verhaalt van de 17e en 18e eeuwse families De Hochepied en Van Lennep in Smyrna (het huidige Izmir).

Zie ook de eerdere berichten over Turkije in dit Migranten dossier@CBG.

dinsdag 17 april 2012

Een historische reisgids naar Nederlands New York

Vorige week verscheen de historische reisgids Nederlands New York. Een reisgids naar het erfgoed van 'Nieuw Nederland". New York City, Hudson Valley, New Jersey, Delaware. Het betreft de Nederlandse vertaling van de Engelstalige reisgids Exploring Historic Dutch New York: New York City, Hudson Valley, New Jersey and Dalaware.

Deze historische reisgids biedt een compleet overzicht van het Nederlandse erfgoed in New York en omgeving. Diverse beschreven tochten door New York City, de Hudson Valley,New Jersey en delen van Delaware nemen de lezer mee naar de zichtbare overblijfselen van de zeventiende eeuwse Nederlandse kolonie en diens cultuur. Daarnaast belicht het in thematische artikelen een aantal uiteenlopende aspecten zoals belangrijke historische Nederlandse hoofdrolspelers, de Nederlandse kunst in het Metropolitan Museum of Art, de Nederlandse oorsprong van de donut, de ‘Holland mania’, de invloed van Nederlandse architectuur in de VS en vele Amerikaanse woorden afgeleid van het Nederlands.
De gids bevat veel fotomateriaal en overzichtskaarten. Leuk voor Nederlanders die de stad of de regio New York bezoeken.

Nederlands New York. Een reisgids naar het erfgoed van 'Nieuw Nederland", ISBN 9789077322901, 253 pag.'s. Prijs € 22,50, verkrijgbaar bij de betere boekhandel.

De Indische Navorscher, jaargang 2011

Onlangs verscheen De Indische Navorscher 2011, het 24e jaarboek van de Indische Genealogische Vereniging (IGV).  In dit jaarboek de volgende artikelen:
  • De Indische takken van de familie Van delden uit Kampen, door A. Herbig en R. de Neve
  • Genealogie van de familie Crince Le Roy, door A. Crince Le Roy-Renooij, m.m.v. R. de Neve
  • Genealogie van de familie Heijden in Nederlandsch-Indië, door B. Heijden
  • Genealogie van de nakomelingen van Car(e)l Frederik Günther (†1856), door B. Heijden
  • Een genealogische bron nagelaten door een Franse kaperkapitein, door R. Vissers
  • De familie De Chauvigny de Blot in Nederlandsch-Indië, door R. de Neve
  • Genealogie van de familie Van Polanen Petel, door E Boutmy de Katzman, m.m.v. A. Intveld en W. Kellner
  • De familie Mafficioli del Castelletto in Nederlandsch-Indië, door R. de Neve
  • Dopen en geboorten op het eiland Batjan (1817-1837) in de doopboeken en de burgerlijke-standregisters van Ternate en Batjan, door T. Schillhorn van Veen

De Indische Navorscher kost € 15,00 voor IGV- leden, € 29,50 voor niet-leden en € 25,00 voor Vrienden van het CBG. De verzendkosten bedragen € 3,50. Zie website IGV.

vrijdag 23 maart 2012

Lezing: De kolonisten in Zeeuws Suriname (1667-1682)

Zaterdag 31 maart geeft Suze Zijlstra in het Zeeuws Maritiem muZEEum in Vlissingen een lezing over de ervaringen van kolonisten in Zeeuws Suriname (1667-1682).

In 1667 veroverde een Zeeuwse vloot de Engelse kolonie Suriname. De kolonie kwam daarmee onder het bestuur van de Staten van Zeeland. Om de suikerkolonie tot een succes te laten worden, werden Zeeuwen aangemoedigd zich er te vestigen. In deze lezing zullen hun ervaringen worden besproken aan de hand van bestuurlijke stukken uit het Zeeuws Archief, maar ook aan de hand van persoonlijke correspondentie van de kolonisten zelf.

Suze Zijlstra zal o.a. betogen dat de Staten van Zeeland weliswaar een mooie toekomst aan de kolonisten voorspiegelden, maar dat de realiteit van het leven in Suriname anders was. Deze lezing wordt georganiseerd in samenwerking met Vereniging voor Zeegeschiedenis

Datum: zaterdag 31 maart 2012, aanvang 14.00 uur.
14.00-15.00 Lezing
15.15-15.45 Koffie en thee
15.45-17.00 mogelijkheid voor een muZEEum bezoek

Voor Vrienden van het muZEEum en het Gemeentearchief Vlissingen en leden van de Vereniging voor Zeegeschiedenis is de bijeenkomst gratis, mits gereserveerd en bevestigd. Overige geïnteresseerden betalen € 5,-. Zie ook de website van muZEEum.

50 jaar Turken in Nederland

Vanaf de jaren vijftig van de twintigste eeuw kwamen de eerste gastarbeiders, voornamelijk Italianen, naar Nederland, later gevolgd door Spanjaarden en Turken. Om de toestroom te reguleren sloot de Nederlandse overheid zogenoemde wervingsverdragen, het eerst in 1960 met Italië, en in 1964 met Turkije.
Op weg naar het Vijftig jaar Turken in Nederland is Gahetna.nl  op zoek naar verhalen van Turkse arbeidsmigranten. Lees er hier meer over.



Hetverhalenarchief.nl van Gahetna biedt al een flink aantal verhalen van en over Turken in Nederland: 50 jaar Turken in Nederland.

Zie ook onze eerdere bijdrage over Sen Kimsin?, de handleiding voor onderzoek naar Turkse voorouders uit de serie Voorouders van Verre en andere bijdragen over Turkije aan Migranten dossier@CBG.

400 jaar Nederlands-Turkse betrekkingen

In De Verdieping van Nederland, de gezamenlijke expositieruimte van het NA en de KB, is tot en met 30 juni 2012 de tentoonstelling De Prins en de Pasja, 400 jaar Nederland-Turkije te zien. Deze tentoonstelling is geheel gewijd aan 400 jaar handels- en diplomatieke betrekkingen tussen beide landen.
In 1612 kreeg de Republiek het recht om onder eigen vlag handel te drijven in het Ottomaanse Rijk. Dit was het resultaat van een briefwisseling tussen Prins Maurits en Halil Pasja. Het Ottomaanse Rijk was destijds de machtigste staat en de Republiek de machtigste handelsnatie en ze hadden elkaar nodig als bondgenoot tegen de Habsburgers. Cornelis Haga was vanaf 1612 de eerste ambassadeur in het Ottomaanse Rijk. Hij zou dit 26 jaar blijven.

Op de tentoonstelling allerlei vaak prachtig  gekalligrafeerde originele documenten, briefwisselingen,  oude kaarten, prenten etc. Bijgaand als voorbeeld een 18e-eeuws decreet waarin Ottomaanse autoriteiten toestemming geven aan de Nederlandse ambassade in Izmir om voor eigen gebruik wijn te maken.

Zie voor de openingstijden en méér informatie over de tentoonstelling website van De Verdieping. Op Gahetna.nl informatie over andere activiteiten in het kader van het 400-jarig jubileum.

maandag 5 maart 2012

VOC en Ceylon ca. 1765, in dissertatie over Iman Wilhelm Falck

Onlangs promoveerde Frits van Dulm aan de Universiteit op een biografie van Iman Wilhelm Falck (1736-1785). Uitgeverij Verloren heeft een Nederlandse handelseditie van de dissertatie uitgegeven.

Iman Wilhelm Falck verhuisde als jongeling van Ceylon, het huidige Sri Lanka, naar Utrecht, waar hij rechten studeerde. Hij koos niet voor een bestuurlijke loopbaan in de Republiek, maar voor een ongewisse carrière in Azië. In 1765 werd hij benoemd tot gouverneur van de VOC-vestiging Ceylon, waar hij een einde maakte aan de oorlog met het binnenlandse koninkrijk Kandy. Gedurende twintig jaar toonde hij een eigenzinnige visie op de te volgen politiek ten opzichte van de opdringende Britse macht in India. Zijn matige gezondheid en grote teleurstelling over het weinig krachtige Nederlandse optreden tijdens de Vierde Engelse Oorlog deden hem afzien van een verdere carrière in Batavia. Deze biografie van Falck, gebaseerd op vele herontdekte archieven, geeft een interessant beeld van zijn leven als diplomaat, zijn familieachtergronden, netwerken en intriges en van de handel en de binnen- en buitenlandse politiek in de achttiende eeuw.

Ceylon ca. 1765
Het boek is zeker ook interessant voor (familie-)historici die zich een beeld willen vormen van het leven van Europeanen in Ceylon en India in de tweede helft van de 18e eeuw. In het boek niet alleen ook een beknopte stamboom Falxck, maar ook een overzicht van de jaargenoten van Iman Wilhelm Falck aan de Universiteit van Utrecht (1756) en een overzicht van VOC-gouverneurs en directeuren van Ceylon en onderhorigheden 1697-1796. Handig zijn vooral ook de kaartjes van Ceylon en India met daarop alle relevante plaatsnamen die je in bronnen uit die tijd kunt tegenkomen. (Zie voorbeeld)

Frits van Dulm, 'Zonder eigen gewinne en glorie'. Mr. Iman Wilhelm Falck (1736-1785), gouverneur en directeur van Ceylon en Onderhorigheden, Uitgeverij Verloren 2012, genaaid harde kaft, 453 pag.'s, ISBN 9789087042738, prijs € 45,-.

Op de website van de Universiteit Leiden zal een Engelstalige versie van de dissertatie integraal als PDF in te zien zijn vanaf 9 februari 2014. De genoemde kaartjes, het CV van de auteur en een overzicht van de inhoud zijn nu al digitaal in te zien.

woensdag 15 februari 2012

Boek: Het land van zijn vader. Een Marokkaanse familiegeschiedenis

Volkskrant-journaliste Greta Riemersma en haar man Saïd kenden elkaar dertien jaar toen ze in 2007 samen met hun drie kinderen naar Marokko emigreerden. Teruggekeerd in zijn geboorteplaats nabij rabat blijkt Saïd nauwelijks iets te weten van zijn familiegeschiedenis. Zijn vader wilde nooit over het verleden praten. ‘Een kameel kijkt niet achterom.’

Greta Riemersma besluit op zoek te gaan naar de geschiedenis van haar man. Zijn vader Ider was de zoon van een kamelenhandelaar, die eerst aan Franse zijde meevocht tegen de nazi’s en daarna tegen de Fransen voor onafhankelijkheid. Hij trouwde met Saïds moeder toen zij 13 jaar was en keerde vervolgens als gastarbeider terug naar Frankrijk. Terwijl ze het verhaal van haar schoonouders reconstrueert, wordt haar echtgenoot geconfronteerd met een emigrantenverleden dat hij altijd, net als zijn vader, uit de weg ging.

Het land van zijn vader vertelt een intrigerende familiegeschiedenis, tegen het decor van een veranderend Marokko. Voor veel mensen met Marokkaanse roots zal dit boek veel inspiratie kunnen bieden. Het boek is genomineerd voor M.J. Brusseprijs 2012.

Greta Riemersma, Het land van zijn vader. Een Marokkaanse familiegeschiedenis, Uitgeverij Podium 2011, 334 pag.'s,  ISBN 978 9057 594 38 0, prijs € 19,50.

maandag 13 februari 2012

Boek: De Spaghettiflat, Little Italy in de polder

Niet nieuw, maar zeker nog het signaleren waard: De Spaghettiflat.
In de wijk Poelenburg in Zaandam vestigden zich eind jaren vijftig honderden Italianen in dezelfde flat, die al ras de naam Spaghettiflat kreeg. In het gelijknamige boek schets Daniela Tasca de lotgevallen van de bewoners.

De eerste Italianen die zich begin jaren zestig in de Spaghettiflat vestigden, werkten voornamelijk bij de Amsterdamsche Droogdok-Maatschappij. De ADM beheerde de woningen op de hoek van de Clusiusstraat en de Poelenburg in Zaandam. De leden van deze hechte gemeenschap maakten zich geleidelijk aan de Nederlandse taal en leefwijze eigen, zonder te vergeten dat ze hun wortels hadden in Puglia of Campania, in Napels of in Caserta.

Daniela Tasca (Palermo, 1966) woont sinds 1989 in Nederland. Ze studeerde in Palermo en Amsterdam cum laude af in Engels en taalkunde. Ze is werkzaam als tv-programmamaker en journalist en schrijft theaterstukken. In 2007 verscheen de documentaire De Spaghettiflat. Little Italy in de polder, die ze samen met Tonino Boniotti maakte.
Het boek De Spaghettiflat. Little Italy in de polder is de afsluiting van dat project. Het is een uitgave van Stichting Uitgeverij Noord-Holland (ISBN 978 90 78381 37 2), telt 112 pagina's en kost € 15,-.

Daniela Tasca zal ook een bijdrage leveren aan het Jaarboek CBG van 2012 dat de titel en thema Over de Grens zal hebben.

Zie ook eerdere bijdragen aan Migranten dossier@CBG over Italië.

donderdag 9 februari 2012

Boek: Een Molukse thuishaven aan de Hollandse IJssel

In 1961 kwamen 140 Molukse gezinnen in het dorp Moordrecht wonen, nu gemeente Zuidplas. De Rijksoverheid bouwde voor hen een speciale wijk, de zogeheten Ambonwijk. De overheid onderschreef het belang van Molukkers om bij elkaar te kunnen wonen zodat zij hun eigen identiteit konden behouden.

In de afgelopen vijftig jaar heeft de Molukse gemeenschap haar hoogtepunten en dieptepunten gekend. Het is dan ook goed dat er zoveel mogelijk wordt geregistreerd en bewaard voor de huidige bewoners en vooral voor latere generaties en geïnteresseerden. Dit is gebeurd via interviews en een boek waarin onder meer persoonlijke ervaringen zijn vastgelegd.

Een Molukse thuishaven aan de Hollandse IJssel omvat een beschrijving van de geschiedenis van 50 jaar Molukkers in Moordrecht. Om het verhaal niet alleen voor, maar ook door de mensen zelf te laten vertellen, zijn gedurende de periode 2009-2011 verschillende bewoners van de Molukse wijk en andere betrokkenen geïnterviewd. De interviews vormen een groot deel van het verhaal van 50 jaar Molukkers in Moordrecht. Hiernaast is gebruik gemaakt van literatuur, tijdschriften, kranten, verslagen, rapporten, foto's en aanvullend archiefmateriaal.


R.R.F. (Ron) Habiboe, Een Molukse thuishaven aan de Hollandse IJssel. 50 jaar Molukkers in Moordrecht 1961-2011, een uitgave van Streekarchief Midden-Nederland, 2012, 176 pag's, ISBN 978 90 902 6598 8, prijs € 15,- Het boek kan ook online worden besteld: hier en hier.

Auteur Ron Habiboe schreef voor het Centraal Bureau voor Genealogie eerder Silsilah Maluku dat verscheen als Deel 1 in de serie Voorouders van Verre. Silsilah Maluku is een handleiding voor onderzoek naar Molukse voorouders. Zie een eerdere bijdrage aan Migranten dossier@CBG.

maandag 23 januari 2012

Boek: "De mytische oom" in Amerika

Bij de Arbeiderspers verscheen zojuist het boek De mytische oom van Mariët Meester. Dit boek past naadloos in de recente hoos van familiehistorische non-fictie. Deze keer speelt het thema migratie een belangrijke rol, waarbij vooral de grote verschillen tussen de leefstijl en leefwereld van de Europese en de Amerikaanse familie opvalt.

Schrijfster Mariët Meester ging op zoek naar haar 'mythische' oom Peter Maystar (verengelst Meester), die in de jaren vijftig naar de Verenigde Staten emigreerde. Ze vertelt in afwisselende hoofdstukken over hem en de familie Meester in Groningen en overzee vanaf het einde van de Tweede Wereldoorlog, de emigratie in 1953 naar Grand Rapids, Michigan, zijn bestaan als arts en de latere vestiging in het overwegend christelijke Lynden, Washington in 1984. De hoofdstukken over het verleden worden afgewisseld door die van het heden ten tijde van het bezoek van de schrijfster aan haar Amerikaanse familie. De 'historische' hoofdstukken zijn verhalend in tegenstelling tot die van het heden, die feitelijk en tamelijk koel afstandelijk worden verteld, met name als de orthodox vrijgemaakt-gereformeerde leefwereld van haar familie, waar geloof en kerk een grote rol spelen, in het geding komt. Een fragmentstamboom, migratieliteratuur en afkortingen van Amerikaanse kerkgenootschappen vullen deze Nederlands-Amerikaanse familiegeschiedenis aan. Veel voorkomende Nederlandse familienamen zijn onder andere Eppens, Flikweert, Struiksma en Hoeksema, maar schrijfster heeft de meeste namen vanwege privacyredenen veranderd.

Voor familiehistorici, en zeker mensen met een geëmigreerde Amerikaanse tak, kan het boek een bron van inspiratie zijn.

Mariet Meester, De mythische oom. Nederlandse immigranten in Amerika. Een bloedband, Arbeiderspers (2012), 288 pag.'s, prijs € 19,95, ISBN 978 90 295 7865 3. Zie website Arbeiderspers.

dinsdag 10 januari 2012

De lotgevallen van de laatste predikanten van Formosa

In het Tijdschrift voor Nederlandse Kerkgeschiedenis, jaargang 14 nr. 4 (2011), staat een boeiend artikel over het lot van de laatste Nederlandse predikanten op Formosa, nadat in maart 1661 Chinezen onder leiding van de legendarische Coxinga (de Chinese legerleider Zheng Chenggong) Formosa binnenvielen. Tussen maart 1661 en 10 februari 1662 veroverde Coxinga heel Formosa. Op de laatstgenoemde datum viel Fort Zeelandia en werd de VOC definitief verdreven van het eiland.

Albrecht Herport - Slag om Zeelandia
Het gaat in het artikel over zes predikanten, waarvan de meesten het er niet levend van af brachten. Alleen Marcius Masius en Johannes Cruijff wisten het eiland levend te verlaten. De andere vier was een minder gunstig lot beschoren. Antonius Hantbroeck werd op 21 oktober 1661 onthoofd, Petrus Mus stierf waarschijnlijk op 14 mei 1661 aan het kruis, Leonardus Kampen zou in Chinese gevangenschap na begin 1666 zijn overleden en Arnoldus Winsemius is waarschijnlijk ongeveer gelijktijdig met Antonius Hantbroeck gedood. De verovering van Formosa door de Chinezen kostte ook nogal wat andere Hollanders het leven, waarbij eveneens onthoofding en kruisiging voorkwamen.

Henk Florijn, De laatste Nederlandse predikanten op Formosa, in: Tijdschrift voor Nederlandse Kerkgeschiedenis (TNK), jaargang 14 (2011) nr. 4, pag. 146-153.

TNK wordt uitgegeven door de Vereniging voor Nederlandse Kerkgeschiedenis (VNK) en verschijnt 4 keer per jaar. Leden VNK betalen € 25,- contributie per jaar en ontvangen het tijdschrift kostenloos. Niet-leden kunnen losse nummers bestellen voor € 5,- ex. verzendkosten. Op de website van VNK wordt van ieder nummer van TNK een inhoudsopgave gegeven.

maandag 9 januari 2012

Nieuw zwartboek van Nederland overzee

Veel migratiebewegingen en bijbehorende stukken familiegeschiedenis zijn niet te begrijpen zonder min of meer uitgebreid stil te staan bij de geschiedenis van de voormalige Nederlandse overzeese gebiedsdelen in De Oost en De West en de bijbehorende internationale handel, slavenhandel, kaapvaart, plundering, afpersing, opiumhandel, cultuurstelsel, oorlog en handjeklap. De slavernij is onlangs veel besproken naar aanleiding van de gelijknamige tv-serie.

Onlangs verscheen van de hand van Ewald Vanvugt een boeiend overzicht dat zeker zal voorzien in een behoefte: Nieuw Zwartboek van Nederland overzee. Dit is een veel vermeerderde editie van het eerder gepubliceerde Zwartboek van Nederland overzee en geeft naast de slavernij ook een uitvoerig overzicht van andere pijnlijke onderdelen van de Nederlandse overzeese geschiedenis. De volgende onderwerpen passeren de revue:
  • de Vereenigde Oost-Indische Compagnie (VOC)
  • de West-Indische Compagnie (WIC)
  • de eeuwen van kaapvaart en piraterij
  • de massale mensenhandel in de Oost en de West
  • Pax Neerlandica en de vele Nederlandse aanvalsoorlogen
  • de staatsinkomsten uit opium in Nederlandsch-Indië
  • het geroofde exotische cultuurgoed in de rijksmusea
  • het opiumfortuin van het Nederlandse koningshuis
  • en andere pijlers van onze welvaart en beschaving.

Over het voorgaande Zwartboek van Nederland Overzee, dat in 2002 verscheen, schreeft het NRC:
Opzet en ondertitel doen vermoeden dat ook dit `Zwartboek` gekleurd zal zijn door morele verontwaardiging. Verrassend genoeg blijkt dat niet het geval. Vanvugt geeft zakelijke beschrijvingen, die hij ondanks veel feitelijke informatie aangenaam leesbaar weet te houden. Zijn stellingname schuilt in het thema, niet in de toon. Alleen als standbeelden ter sprake komen, ontsnapt Vanvugt (die eerder een boek publiceerde over koloniale monumenten) een – zeer milde – sneer. Bijvoorbeeld over het beeld van de jongens van Bontekoe in Hoorn: `De beeldengroep is een mooi en tastbaar voorbeeld van de algemeen gangbare `cultuur-toeristische` visie op het VOC-verleden als een stoer maar vriendelijk, zelfs knus kinderboek.` Vanvugts bescheiden moralisme geldt niet het verleden zelf, maar de wijze waarop het in steen wordt vereeuwigd.

Ewald Vanvugt, Nieuw zwartboek van Nederland. Wat iedere Nederlander moet weten, Uitgeverij Aspekt (Soesterberg 2011), 574 pag.'s, ISBN 9789461530875, prijs € 27,95.

donderdag 5 januari 2012

'Komen en gaan'. Migratiegeschiedenis van Nederland nu als download

Het boek Komen en gaan. Immigratie en emigratie in Nederland vanaf 1550 van Herman Obdeijn en Marlou Schrover is nu gratis te downloaden op internet. Het boek is uitverkocht en wordt niet herdrukt.

In Komen en gaan beschrijven Herman Obdeijn en Marlou Schrover de immigratie- en emigratiestromen van en naar Nederland vanaf 1550 tot nu. Al in de tijd van de Republiek hadden onze contreien een grote aantrekkingskracht op migranten uit andere delen van Europa. Niet alleen vanwege de religieuze tolerantie die er heerste, maar ook omdat de economie er bloeide en er veel werk was voor nieuwkomers en goede investeringskansen lagen voor vermogenden en mensen met goede contacten, kennis en kunde. 
Ook vertrokken er grote groepen mensen naar de nieuwe wereld of overzeese gebiedsdelen om er geluk te zoeken of in rust de eigen vrijere of juist strengere godsdienstopvattingen te praktiseren. 
In het verleden werden mensen al als vreemdeling betiteld als ze van buiten de stad of de regio kwamen. Tot 1849 hield de overheid zich zelfs niet echt bezig met de vraag wie er Nederlander was en wie niet. Pas vanaf de eerste vreemdelingenwet in 1849 werd dat nauwkeurig gedefinieerd. 

H. Obdeijn, M Schrover  Komen en gaan. Immigratie en emigratie in Nederland vanaf 1550. (Amsterdam, 2008) uitgegeven door Bert Bakker, ISBN 9789035130340, 412 pag.'s

Marlou Schrover is Professor geschiedenis van migratie en sociale verschillen aan de Universiteit Leiden.
Herman Obdeijn is gepensioneerd universitair hoofddocent migratiegeschiedenis en geschiedenis van Noord-Afrika aan de Universiteit Leiden.

maandag 2 januari 2012

Acta van de Waalse kerken 1601-1697 digitaal

Waalse kerk Middelburg
Toen na het uitbreken van de opstand de Spanjaarden de Zuidelijke Nederlanden bezetten zijn veel calvinisten vanuit het zuiden naar de Republiek gevlucht. Daaronder een groot contingent Franstaligen. Deze stichtten hun eigen Franstalige kerkelijke gemeentes die bekend stonden als de Église wallonne of de Waalse kerk. Na de herroeping van het Edict van Nantes in 1685 arriveerden in de Republiek ook veel hugenoten uit Frankrijk, die veelal opgingen in de Waalse kerken.

De geschiedenis van de Waalse kerk in Nederland is dus van groot belang voor wie de immigratie van Fransen en Walen wil bestuderen. Min of meer onmisbaar is daarbij de in 2005 bij het ING verschenen publicatie Livre des Actes des Eglises Wallonnes aux Pays-Bas 1601-1697, van Hans Bots e.a. (RGP Kleine serie nr. 101). Onlangs kwam dit boek digitaal beschikbaar op historici.nl. In het boek een lijst van Waalse kerken in de 17e eeuw en hun voorgangers, een alfabetisch overzicht van dominees van de Waalse kerk en een index op persoons- en plaatsnaam.

Zie eerder bericht in Methodiek dossier@CBG over o.a. RGP